Kracht advocatuur
Intellectuele Eigendom en Aansprakelijkheid
IMG_0575.JPG

Blog

Juridische blog

het recht in de praktijk

Waarom faalt ICT bij de overheid? deel 2

De herfst nadert en op sommige dagen is het zelfs al een beetje koeler. De aandelenkoersen zijn weer eens gedaald (maar komen er wel weer bovenop) en Zwarte Piet is nog steeds niet onomstreden. Het belangrijkste is dat we de zomer hebben overleefd, al is het gevaar van een dreigend biertekort nog niet geweken. Hoe zou het gaan met de ICT-projecten bij de overheid?

De zomer bracht een stapel boeken naar mijn bureau, waarvan het interessantste ongetwijfeld Ed Finn’s What Algorithms Want was. Een wonderlijk erudiete visie op de kracht van het algoritme als culturele boodschapper: enerzijds is het algoritme niets anders dan ‘een methode om een probleem op te lossen’, maar anderzijds volgt het een visie op hoe de wereld in elkaar zit.

Finn geeft als voorbeeld de interface van Netflix. Bij Netflix wordt de kijker ook andere series aangeraden (‘je keek naar…, waarschijnlijk vind je dit dan ook leuk…’), maar dat is geen louter mechanische kwestie: achter de schermen zijn menselijke ‘curatoren’ voortdurend bezig om de aanbevelingen te verbeteren. Netflix geeft de kijker de indruk  dat z/hij gezien is als mens, zonder het onprettig persoonlijk te maken. Het Netflix-algoritme is een manipulatieve tool, die pretendeert volledig mechanisch te zijn; met als opzet dat de kijker loyaal zal worden aan de interface. Netflix heeft een visie op manieren om de kijker te manipuleren – een dwingende visie die de kijker verandert in een abonnee.

Er is een interessante parallel tussen Finn’s betoog en een heel wat minder verheven boek van Carolien Lucy Schönfeld ‘Hoe IT-projecten slagen en falen‘. Schönfeld’s boek geeft praktijkvoorbeelden en roept meer dan eens de geest op van het eindrapport van de Commissie Elias. De parallel bestaat daaruit, dat de werkende mens in een mal wordt gedrongen door de implementatie van IT-projecten, en die dwang is lang niet altijd vriendelijk of zelfs maar goedbedoeld – en hij is ook nogal eens onwelkom, met alle problemen vandien. Het lijkt erop – al zegt Schönfeld dat niet met zoveel woorden – dat bij stroeve IT-projecten al in een heel vroeg stadium besloten is om in te grijpen in het leven van mensen zonder dat herkend is dat dit ingrijpen in feite die mensen wil veranderen.

Mijn literatuur-onderzoek van de zomer werd ingegeven door wéér een spectaculaire IT-mislukking, die bij de Raad voor de Rechtsspraak door het project KEI (‘Kwaliteit en Innovatie’). Het project is inmiddels hernoemd, maar het geld is weg en met de digitalisering schiet het nog niet zo erg op. De vraag waar ik een antwoord op zocht, was: hoe is het mogelijk dat een project mislukt waarbij zoveel verstandige mensen betrokken zijn? De vele meningen die ik tegenkwam, wezen toch allemaal min of meer in dezelfde richting (voor zover meningen kunnen wijzen), zodat ik vooralsnog tot de volgende hypothese ben gekomen.

Het slagen of mislukken van IT-projecten kan niet voornamelijk een kwestie van tekortschietende techniek zijn. Dat is ongetwijfeld vaak óók het geval, omdat IT-leveranciers er belang bij hebben om hun eigen capaciteiten te overschatten, maar een belangrijkere reden is waarschijnlijk: een overdaad aan ambitie bij de opdrachtgever, gepaard aan onvoldoende visie op nut en noodzaak van de digitalisering zèlf. Het lijkt erop dat als de opdrachtgever (degene met beslismacht) zelf niet het programma hoeft te gebruiken – en daar ook geen commercieel belang bij heeft – het niet ongebruikelijk is om in een vroeg stadium (te) veel ambities te formuleren die te weinig gebaseerd zijn op een visie op de manier waarop de eindgebruiker moet veranderen. De Overheid is simpelweg niet egocentrisch en manipulatief genoeg, zelfs wanneer ze niet goedwillend is.

Als mijn hypothese klopt, dan zou dat verklaren waarom de overheid projecten optuigt die wel getuigen van flinke ambitie, maar die desondanks onvoldoende dwingend zijn en dus telkens verder uitdijen. Het verklaart ook waarom projecten mislukken, hoewel – of juist: omdat – er veel mensen bij betrokken zijn. Wat er vermoedelijk nodig is om meer projecten te laten slagen, is vooral een beter inzicht in nut en noodzaak van het überhaupt optuigen van een IT-project.

Ik kom er op terug. Ondertussen zijn op- en aanmerkingen van harte welkom.

(Vragen? Mail: blog[at]kracht-advocatuur.com)

Erik de Vos